2.13 Voorzieningen

2.13.1 Algemeen
Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten.

De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. De voorzieningen worden op balansdatum opnieuw beoordeeld.

Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt, en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, dan wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.

2.13.2 Pensioenvoorziening
Nederland
Met ingang van 1 januari 2018 is de pensioenregeling van de Nederlandse groepsmaatschappijen overgegaan van een beschikbare uitkering (middelloonregeling) naar een beschikbare premieregeling. Deelnemers bouwen een pensioenkapitaal op waarmee op het moment van pensionering een pensioenuitkering aangekocht dient te worden.

De belangrijkste kenmerken van deze regeling zijn:

  • werkgever betaald maandelijks op persoonsniveau een premie aan de uitvoerder;
  • het pensioengevend loon is 14 * het vaste maandsalaris (2018: maximaal € 105.075);
  • de pensioengrondslag waarover de werkgever premie inlegt is het pensioengevend loon minus de wettelijk minimale franchise;
  • de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder is gebaseerd op een leeftijdsstaffel met oplopende premiepercentages, uitgaande van een rekenrente van 2%;
  • de eigen bijdrage van de werknemer is 4,5% van de pensioengrondslag;
  • de regeling leidt niet tot enige verplichting op balansdatum, met uitzondering van verplichtingen die ontstaan uit nog niet betaalde premies.

Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing. Er worden op verplichte, contractuele of vrijwillige basis premies aan pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen betaald door DELA Natura Groep. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.

België
De pensioenregeling van de Belgische groepsmaatschappijen omvat een premie t.b.v. 4,0% van het jaarlijks referentieloon, te verhogen met 4,4% belasting. Het jaarlijks referentieloon is een bruto-maandloon x 13,92 maanden. De premies worden maandelijks betaald. Met deze premies worden de volgende waarborgen verzekerd voor de werknemer:

  • De overlijdensverzekering is een aanvullende waarborg die verbonden is met de Natura Groepsverzekering. De nabestaanden zullen een overlijdenskapitaal ontvangen als de werknemer overlijdt vóór de einddatum.
  • Het gewaarborgd inkomen (invaliditeitsrente) is een aanvullende waarborg. In geval van arbeidsongeschiktheid door ziekte, bevalling of een privé-ongeval, ontvangt de verzekerde een vervangingsinkomen.

Op de einddatum van de groepsverzekering zijn er twee mogelijkheden:

  • Ofwel wordt er eenmalig een pensioenkapitaal uitbetaald.
  • Ofwel wordt er een periodieke rente uitbetaald.

Duitsland
In Duitsland is geen pensioenregeling van kracht.

Algemeen
Daarnaast neemt DELA Natura Groep een vordering op voor:

  • toegezegde restituties als gevolg van een hoge dekkingsgraad van het pensioenfonds;
  • overrente of winstdeling die overeenkomstig de bepalingen in een verzekeringscontract beschikbaar komt voor de Natura Groep;
  • voordelen van individuele waardeoverdrachten die ten gunste komen van DELA Natura Groep;
  • aanvullende stortingen om de beleggingsmix te garanderen.

Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomsten wordt beoordeeld welke verplichtingen er op balansdatum bestaan naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie. Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de Natura Groep en worden in de balans opgenomen in een voorziening.

De waardering van de verplichting is gebaseerd op nominale waarde tenzij sprake is van een langlopende verplichting. In dat geval wordt de verplichting tegen contante waarde gewaardeerd. Discontering vindt plaats op basis van rentetarieven van hoogwaardige ondernemingsobligaties.

Toevoegingen aan en vrijval van de verplichtingen komen ten laste van respectievelijk ten gunste het resultaat.

Een pensioenvordering wordt in de balans opgenomen wanneer:

  • de Natura Groep beschikkingsmacht heeft over de pensioenvordering;
  • het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen die de pensioenvordering in zich bergt zullen toekomen aan DELA Natura Groep;
  • de pensioenvordering betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Ultimo 2018 zijn er voor DELA Natura Groep geen pensioenverplichtingen. Er is wel een vordering op Zwitserleven waar de pensioenregeling is ondergebracht. In geval van een onderdekking heeft DELA Coöperatie U.A. de keuze om het beleggingsmandaat actief in stand te houden door een additionele garantiestorting te doen. Door de gedaalde rente zijn de garantiestortingen opgelopen.

2.13.3 Voorziening jubilea
De voorziening jubilea wordt opgenomen voor verwachte lasten gedurende het dienstverband. De gehanteerde actuariële methode staat bekend als Projected Unit Credit-methode. Hierbij wordt rekening gehouden met toekomstige salarisstijgingen, overlevings- en arbeidsongeschiktheidskansen en dergelijke. Als lange termijn beleggingsrendement is 1,9% (2017: 1,8%) aangehouden, voor de algemene salarisstijging 2,0% (2017: 2,0%) en voor de indexatie inactieven 1,0% (2017: 1,0%) per jaar. De AG Generatietafel 2016 en de WIA/IVA-ervaringscijfers zijn toegepast. De aldus berekende verplichting is contant gemaakt tegen 1,6% ultimo 2018 (2017: 1,5%).

2.13.4 Overige voorzieningen
De overige voorzieningen worden opgenomen tegen nominale waarde.

2.13.5 Latente belastingverplichtingen
Latente belastingverplichtingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waarde van de activa en passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de waarderingsgrondslagen die in deze jaarrekening gevolgd worden anderzijds en hebben voornamelijk betrekking op de fiscaal afwijkende waardering van onroerende zaken, geldleningen en effecten. De berekening van de latente belastingverplichtingen geschiedt tegen de belastingtarieven die op het einde van het verslagjaar gelden of tegen de tarieven die in de komende jaren gelden, voor zover deze al bij wet zijn vastgesteld. In Nederland wordt het nominale tarief verlaagd van 25,0% in 2018 en 2019 naar 22,55% in 2020 en 20,5% in 2021. In België wordt het nominale tarief verlaagd van 29,58% in 2018 en 2019 naar 25% vanaf 2020. Bij het bepalen van de voorziening is rekening gehouden met de effecten van de nieuwe tarieven. In Duitsland wordt rekening gehouden met het geldende nominale tarief van 30%.

Latente belastingen worden verantwoord voor tijdelijke verschillen, tenzij DELA Natura Groep in staat is het tijdstip van afloop van het tijdelijke verschil te bepalen en het niet waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de voorzienbare toekomst zal aflopen.

Latente belastingverplichtingen worden gewaardeerd op nominale waarde.