Geconsolideerde jaarrekening

Geconsolideerde balans per 31 december 2018

Activa

Bedragen x € 1.000

Activa
  Ref.   31-12-2018   31-12-2017
           
Immateriële vaste activa 3.1   34.570    29.443 
           
Beleggingen 3.2        
Terreinen en gebouwen:          
- Voor eigen gebruik   7.747    6.642   
- Overige terreinen en gebouwen   1.238.138    1.120.659   
Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen   1.630    3.664   
Overige financiële beleggingen:          
- Aandelen   1.956.842    2.184.927   
- Obligaties   1.583.280    1.786.518   
- Derivaten   80.153    27.274   
- Vorderingen uit hypothecaire leningen   283.116    284.577   
- Vorderingen uit andere leningen   153.072    64.780   
- Infrastructuur   40.534    13.936   
- Beleggingen in liquide middelen   28.387    29.323   
- Andere financiële beleggingen   260.462    206.140   
      5.633.361    5.728.440 
Vorderingen 3.3        
Vorderingen uit directe verzekering   196    ‑402   
Overige vorderingen   164.533    54.582   
      164.729    54.180 
Overige activa 3.4        
Materiële vaste activa   7.488    9.378   
Liquide middelen   74.788    71.565   
      82.276    80.943 
Overlopende activa          
Lopende rente en huur   1.206    1.787   
Overlopende activa   2.573    3.602   
      3.779    5.389 
       
TOTAAL ACTIVA     5.918.715    5.898.395 

Passiva

Bedragen x € 1.000

Passiva
Groepsvermogen 3.6   1.009.115    1.240.786 
           
Technische voorzieningen 3.8        
Bruto technische voorzieningen   4.602.489    4.307.796   
Herverzekeringsdeel technische voorzieningen   ‑18.305    ‑16.304   
      4.584.184    4.291.492 
           
Voorzieningen 3.10   174.583    183.832 
           
Depot van herverzekeraars 3.11   13.927    12.881 
           
Schulden 3.12        
Schulden uit directe verzekering   79.616    78.283   
Overige schulden   25.986    67.348   
      105.602    145.631 
           
Overlopende passiva 3.13   31.304    23.773 
       
TOTAAL PASSIVA     5.918.715    5.898.395 

Geconsolideerde resultatenrekening over 2018

Technische rekening

Bedragen x € 1.000

Technische rekening
  Ref.   2018   2017
           
Verdiende premies eigen rekening 4.1        
Brutopremies   456.240    439.138   
Uitgaande herverzekeringspremies   ‑5.458    ‑4.365   
      450.782    434.773 
Beleggingsopbrengsten 4.2        
Opbrengsten uit beleggingen   234.565    73.383   
Gerealiseerde winst op beleggingen   289.527    556.818   
      524.092    630.201 
           
Ongerealiseerde winst op beleggingen 4.2   ‑    239.148 
           
Uitkeringen eigen rekening 4.3        
Bruto   186.681    180.419   
Aandeel herverzekeraars   ‑2.184    ‑1.423   
  -/-   184.497    178.996 
Wijziging technische voorzieningen eigen rekening 3.8        
Bruto   229.362    217.766   
Aandeel herverzekeraars   ‑2.001    ‑1.674   
  -/-   227.361    216.092 
           
Winstdelingen en kortingen -/-   42.321    17.753 
           
Bedrijfskosten          
Acquisitiekosten 4.4 44.295    39.031   
Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen 4.5 76.092    65.203   
  -/-   120.387    104.234 
           
Beleggingslasten 4.2        
Beheerskosten en rentelasten   27.095    27.258   
Gerealiseerd verlies op beleggingen   438.385    297.758   
  -/-   465.480    325.016 
           
Ongerealiseerd verlies op beleggingen 4.2 -/-   173.092    111.195 
           
Aan niet-technische rekening toegerekende opbrengst op beleggingen -/-   ‑19.518    91.115 
           
Resultaat technische rekening     ‑218.746    259.721 

Niet-technische rekening

Bedragen x € 1.000

Niet-technische rekening
  Ref.   2018   2017
           
Resultaat technische rekening     ‑218.746    259.721 
           
Toegerekende opbrengst uit beleggingen overgeboekt van technische rekening     ‑19.518    91.115 
           
Andere baten 4.6   23    3.404 
           
Andere lasten 4.6 -/-   10.505    11.468 
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen     ‑248.746    342.772 
           
Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening 4.7 -/-   ‑76.730    85.350 
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na belastingen     ‑172.016    257.422 

Toelichting op de geconsolideerde balans en resultatenrekening

1. Algemene toelichting

1.1. Activiteiten

DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. (‘DELA Natura’), statutair gevestigd in Eindhoven, Oude Stadsgracht 1, KvK-nummer 17078393, en haar groepsmaatschappijen (‘DELA Natura Groep’) voeren verzekeringsactiviteiten uit in Nederland, België en Duitsland. De verzekeringsproducten betreffen uitvaartverzekeringen, overlijdensrisicoverzekeringen en spaarverzekeringen.

1.2. Consolidatie

In de consolidatie worden de financiële gegevens opgenomen van DELA Natura, haar groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen waarin DELA Natura overheersende zeggenschap, direct of indirect, kan uitoefenen doordat zij beschikt over de meerderheid van de stemrechten of op enig andere wijze de financiële en operationele activiteiten kan beheersen. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met potentiële stemrechten die direct kunnen worden uitgeoefend op balansdatum.

De groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop zij een overheersende zeggenschap kan uitoefenen of waarover zij de centrale leiding heeft, worden voor 100% in de consolidatie betrokken. Het aandeel van derden in het groepsvermogen en in het groepsresultaat wordt afzonderlijk vermeld.

Wanneer er sprake is van een belang in een joint venture dan wordt het desbetreffende belang proportioneel geconsolideerd. Van een joint venture is sprake indien als gevolg van een overeenkomst tot samenwerking de zeggenschap door de twee aandeelhouders gezamenlijk wordt uitgeoefend.

Intercompanytransacties, intercompanywinsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groeps-maatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen worden geëlimineerd. Ongerealiseerde verliezen op intercompanytransacties worden ook geëlimineerd tenzij er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen zijn waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen van DELA Natura Groep.

Hieronder het organigram van de vennootschappen binnen DELA Natura Groep:

Organigram DELA Natura Groep

* Voor deze groepsmaatschappijen is door DELA Coöperatie U.A. een zogenaamde ‘403'-verklaring afgegeven.

De Nederlandse groepsmaatschappijen maken deel uit van de fiscale eenheid binnen de DELA Groep (DELA Coöperatie U.A. en haar groepsmaatschappijen) voor zowel de VPB als de BTW.

DELAmondo vastgoed B.V. heeft in 2018 haar naam gewijzigd in DomusDELA Vastgoed B.V. en DELAmondo Klooster B.V. heeft in 2018 haar naam gewijzigd in DomusDELA Klooster B.V.

1.3. Verbonden partijen

Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van DELA Natura Groep en nauwe verwanten zijn verbonden partijen.

Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht.

1.4 Acquisities en desinvesteringen van groepsmaatschappijen

Vanaf de overnamedatum worden de resultaten en de identificeerbare activa en passiva van de overgenomen onderneming opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening. De overnamedatum is het moment dat overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend in de betreffende onderneming.

De verkrijgingsprijs bestaat uit het geldbedrag of equivalent dat is overeengekomen voor de verkrijging van de overgenomen onderneming vermeerderd met eventuele direct toerekenbare kosten. Indien de verkrijgingsprijs verschilt van het nettobedrag van de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva dan wordt het verschil als goodwill aangemerkt.

De maatschappijen die in de consolidatiekring betrokken zijn, blijven in de consolidatie opgenomen tot het moment dat de beslissende zeggenschap wordt overgedragen en indien de maatschappij slechts gehouden wordt om te vervreemden.

1.5 Kasstroomoverzicht

DELA Natura maakt gebruik van de vrijstelling in RJ 360. Deze stelt dat een (middel) grote rechtspersoon een kasstroomoverzicht moet opstellen, tenzij het kapitaal van de rechtspersoon direct of indirect volledig wordt verschaft door een andere rechtspersoon die een gelijkwaardig kasstroomoverzicht opstelt, dat is opgenomen in een geconsolideerde jaarrekening die in Nederland bij het handelsregister gedeponeerd wordt.
De jaarrekening, met daarin het kasstroomoverzicht, van DELA Coöperatie U.A. is verkrijgbaar via de kamer van koophandel.

1.6 Schattingen

Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat het bestuur zich over verschillende zaken een oordeel vormt, en dat het bestuur schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in art. 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen in de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten. Deze schattingen zijn naar beste weten door het bestuur gemaakt, maar de daadwerkelijke uitkomsten kunnen uiteindelijk afwijken van die schattingen.

De belangrijkste schattingen hebben betrekking op:

  • de actuele waarde van beleggingen;
  • de gehanteerde grondslagen voor de technische voorzieningen;
  • de waardering van de niet-technische voorzieningen.

1.7 Opmaken en vaststellen jaarrekening

De jaarrekening 2018 is opgemaakt door de directie en vastgesteld in de aandeelhoudersvergadering op 17 april 2019. De jaarrekening 2017 is in aandeelhoudersvergadering op 20 april 2018 conform voorstel vastgesteld.

2. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

2.1 Algemeen

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (RJ). Alle bedragen luiden in duizenden euro’s, tenzij anders is aangegeven. De in deze jaarrekening tussen haakjes opgenomen getallen zijn negatief.

De waardering en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten tenzij anders vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

2.2 Vreemde valuta

2.2.1 Functionele valuta
De posten in de jaarrekening van de groepsmaatschappijen worden gewaardeerd met inachtneming van de valuta van de economische omgeving waarin de groepsmaatschappij voornamelijk haar bedrijfsactiviteiten uitoefent (de functionele valuta). De euro is de functionele en presentatievaluta van DELA Natura Groep.

2.2.2 Transacties, vorderingen en schulden
Transacties in vreemde valuta gedurende de verslagperiode zijn in de jaarrekening verwerkt tegen de koers op transactiedatum. Activa en passiva in vreemde valuta die op actuele waarde worden gewaardeerd, worden omgerekend tegen de koers per balansdatum. Koersverschillen die optreden bij de afwikkeling van monetaire posten zijn in de resultatenrekening verwerkt in de periode dat zij zich voordoen.

2.3 Herverzekeringscontracten

Met herverzekeraars afgesloten contracten uit hoofde waarvan de Natura Groep wordt gecompenseerd voor uitkeringen op uitgegeven verzekeringscontracten, worden aangemerkt als gegeven herverzekeringscontracten.

Herverzekeringspremies, provisies en uitkeringen evenals technische voorzieningen voor herverzekeringscontracten worden op dezelfde wijze verantwoord als de directe verzekeringen waarvoor de herverzekeringen zijn afgesloten. Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen en de uitkeringen waartoe DELA Natura uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, worden in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen. De kortlopende vorderingen op herverzekeraars zijn opgenomen onder de vorderingen.

De waardering van door en aan herverzekeraars verschuldigde bedragen geschiedt in overeenstemming met de voorwaarden van de herverzekeringscontracten. Verplichtingen uit herverzekering betreffen voornamelijk te betalen premies voor herverzekeringscontracten.

De vorderingen uit hoofde van herverzekeringscontracten worden op de balansdatum beoordeeld op eventuele bijzondere waardeverminderingen.

2.4 Immateriële vaste activa

De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van afschrijvingen. De economische levensduur en de afschrijvingsmethode worden aan het einde van het boekjaar opnieuw beoordeeld. Bij eventuele significante wijzigingen worden de afschrijvingstermijn respectievelijk afschrijvingsmethode herzien.

Om vast te stellen of er voor een immaterieel vast actief sprake is van een bijzondere waardevermindering, wordt verwezen naar paragraaf 2.8.

2.4.1 Concessies en vergunningen
Kosten van concessies en vergunningen worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs en lineair afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur met een maximum van 20 jaar.

2.4.2 Goodwill
De bij acquisities betaalde goodwill is gewaardeerd tegen de op het moment van verkrijging vastgestelde reële waarde. De goodwill wordt lineair afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur op basis van de verwachte economische levensduur die jaarlijks wordt beoordeeld. De huidige verwachte levensduur voor goodwill betreft 20 jaar.

2.4.3 Overgenomen verzekeringsportefeuilles
De toekomstige kasstromen van overgenomen verzekeringsportefeuilles zijn gewaardeerd tegen de op het moment van verkrijging vastgestelde reële waarde. Deze waarde is bepaald op basis van het bedrag dat betaald zou worden tussen onafhankelijke partijen die ter zake goed geïnformeerd zijn en tot transactie bereid zouden zijn. Deze waarde wordt lineair afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur op basis van de verwachte economische levensduur, welke jaarlijks wordt beoordeeld. De huidige verwachte levensduur van overgenomen verzekeringsportefeuilles betreft 20 jaar.

2.5 Beleggingen

2.5.1 Onroerende zaken
Onroerende zaken worden gewaardeerd tegen de actuele waarde op balansdatum.

2.5.2 Deelnemingen
Deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaardemethode. Wanneer 20% of meer van de stemrechten uitgebracht kan worden, is er sprake van een wettelijk vermoeden van invloed van betekenis.

De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening; voor deelnemingen waarvan onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor aanpassing aan deze grondslagen, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de desbetreffende deelneming.

Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt deze op nihil gewaardeerd. Indien en voor zover DELA Coöperatie in deze situatie geheel of gedeeltelijk instaat voor de schulden van de deelneming, wordt een voorziening getroffen.

De eerste waardering van gekochte deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Voor de vervolgwaardering worden, uitgaande van de waarden bij eerste waardering, de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening.

Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien sprake is van een duurzame waardevermindering vindt waardering plaats tegen deze lagere waarde; afwaardering vindt plaats ten laste van de resultatenrekening.

De onder financiële vaste activa opgenomen vorderingen op deelnemingen worden gewaardeerd tegen de reële waarde van het verstrekte bedrag, gewoonlijk de nominale waarde, onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen.

2.5.3 Aandelen en andere niet-vastrentende waardepapieren
Aandelen en converteerbare obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde. Aandelen met beursnotering worden gewaardeerd tegen beurskoers per balansdatum.

Zowel ongerealiseerde als gerealiseerde winsten en verliezen ten gevolge van verkopen en waardeveranderingen van aandelen worden in de resultatenrekening verantwoord. Transactiekosten worden rechtstreeks in de resultatenrekening verwerkt.

2.5.4 Obligaties en andere vastrentende waardepapieren en vorderingen uit andere leningen
Obligaties worden gewaardeerd tegen reële waarde aan de hand van de beurskoers per balansdatum. Zowel ongerealiseerde als gerealiseerde winsten en verliezen ten gevolge van verkopen en waardeveranderingen van obligaties worden in de resultatenrekening verantwoord.

2.5.5 Vorderingen uit hypothecaire leningen
Vorderingen uit hypothecaire leningen worden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De directe kosten die samenhangen met het verstrekken van een hypothecaire lening worden opgenomen als aankoopkosten. Zij zijn onderdeel van de geamortiseerde kostprijs en worden geactiveerd op de balans. Op balansdatum wordt beoordeeld of er objectieve waarnemingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van de vorderingen uit hypothecaire leningen. Indien dit het geval is, wordt dit verlies verantwoord in de resultatenrekening.

2.5.6 Derivaten
Derivaten bestaande uit aandelenopties en valutatermijncontracten worden gewaardeerd tegen reële waarde. Indien derivaten een negatieve waarde hebben, worden deze op de balans gerubriceerd onder de kortlopende schulden.

2.5.7 Vorderingen uit andere leningen
De beleggingen in bedrijfsleningen worden gewaardeerd tegen reële waarde.

Vorderingen uit andere leningen met een vastgestelde rente worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid. Geldleningen met een variabele rente worden gewaardeerd tegen reële waarde.

2.5.8 Infrastructuur 
Participaties in infrastructuurfondsen worden gewaardeerd tegen reële waarde. Deze post bevat beleggingen zonder frequente marktnotering. Waardemutaties worden direct in de winst- en verliesrekening verantwoord. Voorts wordt een herwaarderingsreserve gevormd ten laste van de overige reserves.

2.5.9 Beleggingen in liquide middelen
Beleggingen in liquide middelen worden gewaardeerd tegen reële waarde die gelijk is aan de nominale waarde.

2.5.10 Andere financiële beleggingen
De andere financiële beleggingen worden gewaardeerd tegen reële waarde.

2.5.11 Opbrengsten uit beleggingen
Onder opbrengsten uit beleggingen worden begrepen:

  • huuropbrengsten uit beleggingen in onroerende zaken;
  • dividenden uit deelnemingen;
  • dividenden van aandelen;
  • interest op beleggingen in vastrentende waarden;
  • gerealiseerde winst bij verkoop van beleggingen.

Rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.

2.5.12 Niet gerealiseerde winst/verlies op beleggingen
De niet-gerealiseerde resultaten zijn afkomstig uit waardeveranderingen van effecten en onroerende zaken.

2.5.13 Beheerskosten en rentelasten
Onder de beheerskosten en rentelasten vallen:

  • beheerkosten van beleggingen in onroerende zaken;
  • beheer- en bewaarkosten van aandelen en obligaties;
  • rentelasten.

2.5.14 Gerealiseerd verlies op beleggingen
Gerealiseerde verliezen van financiële instrumenten die op marktwaarde gewaardeerd zijn, worden verwerkt in de resultatenrekening.

2.6 Vorderingen

Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde van de vorderingen benadert de boekwaarde.

Bij een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten onder aftrek van een eventuele voorziening wegens oninbaarheid.

Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waarde van de activa en de passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de in deze jaarrekening gevolgde waarderingsgrondslagen anderzijds. De berekening van de latente belastingvorderingen geschiedt tegen de op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven of tegen de in de komende jaren geldende tarieven, voor zover reeds bij wet vastgesteld.

2.7 Overige vaste bedrijfsmiddelen

De overige vaste bedrijfsmiddelen (waaronder inventarissen en auto’s) zijn opgenomen tegen de aanschafwaarde verminderd met afschrijvingen op basis van de verwachte levensduur, rekening houdend met de eventuele restwaarde. Kosten voor herstel en groot onderhoud worden direct ten laste van het resultaat genomen. De afschrijving vindt lineair plaats, de afschrijvingstermijnen zijn als volgt:

  • Inventaris: 5 jaar;
  • Auto’s: 5 jaar;
  • Laptops: 4 jaar.

2.8 Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa

Door DELA Natura Groep wordt op balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde; de realiseerbare waarde is de hoogste van de marktwaarde en de bedrijfswaarde.

Indien wordt vastgesteld dat een bijzondere waardevermindering die in het verleden verantwoord is, niet meer bestaat of is afgenomen, dan wordt deze bijzondere waardevermindering teruggedraaid tot maximaal de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn verantwoord.

Ook voor financiële instrumenten beoordeelt DELA Natura Groep op iedere balansdatum of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingen van een financieel actief of een groep van financiële activa. Bij aanwezigheid van objectieve aanwijzingen voor bijzondere waardeverminderingen wordt de omvang van het verlies uit hoofde van de bijzondere waardeverminderingen bepaald en direct verwerkt in de resultatenrekening.

Bij financiële activa die gewaardeerd zijn tegen aflossingswaarde, wordt de omvang van de bijzondere waardevermindering bepaald als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de best mogelijke schatting van de toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de effectieve rentevoet van het financiële actief zoals die is bepaald bij de eerste verwerking van het instrument. Eventuele terugname van het waarderverminderingsverlies wordt beperkt tot maximaal het bedrag dat nodig is om het actief te waarderen op de geamortiseerde kostprijs. Het teruggenomen verlies wordt in de resultatenrekening verwerkt.

2.9 Overlopende activa

De vorderingen worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht.

2.10 Liquide middelen

Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen als kortlopende schulden onder schulden aan kredietinstellingen. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

2.11 Discretionaire winstdeling

Winstdeling wordt actuarieel berekend en heeft een voorwaardelijk karakter. De verwerking van de discretionaire winstdeling vindt plaats via de post technische voorzieningen. De toevoeging van het bedrag dat DELA Natura Groep onder de technische voorzieningen voor discretionaire winstdeling heeft bestemd, geschiedt ten laste van het resultaat.

2.12 Technische voorzieningen

2.12.1 Algemeen
Het bepalen van de technische voorzieningen is een proces dat van nature wordt omgeven met onzekerheden. De werkelijke uitkeringen zijn afhankelijk van factoren zoals sociale, economische en demografische trends, inflatie, beleggingsrendementen, gedrag van polishouders en aannames over de ontwikkeling van sterfte. Het gebruik van andere aannames voor deze factoren dan de tariefsgrondslagen die nu in de jaarrekening zijn gebruikt, zou een materieel effect kunnen hebben op de technische voorzieningen en verzekeringstechnische lasten (zie ook 3.8 toereikendheidstoets).

2.12.2 Uitvaartverzekeringen
Voor uitkeringen uit hoofde van verzekeringspolissen die naar verwachting in de toekomst worden gedaan, wordt een verplichting opgenomen zodra de polis van kracht is. De verplichtingen voor uitvaartverzekeringen voor eigen rekening en risico bestaan uit de (met tariefinterest) verdisconteerde waarde van de verwachte toekomstige uitkeringen (inclusief reeds toegekende winstaandelen) aan polishouders of andere begunstigden, onder aftrek van toekomstige premies.

Het overgrote deel van de technische voorziening voor uitvaart- en levensverzekeringen voor eigen rekening en risico zoals gesloten in Nederland is berekend volgens de zuivere netto methode tegen 2,75% interest en op basis van de overlevingstafel GBMV 1995-2000, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest.

Het overgrote deel van de technische voorziening voor uitvaart- en levensverzekeringen voor eigen rekening en risico zoals gesloten in België is berekend volgens de zuivere netto methode tegen de gebruikelijke interest ten tijde van ingang en op basis van de overlevingstafel HD dan wel MK-FK, waarbij gebruik wordt gemaakt van grondslagen met betrekking tot sterfte en interest. De verwachte uitkeringen zijn gebaseerd op de grondslagen van het tarief, zoals dat is vastgesteld bij het afsluiten van de polis.

2.12.3 Levensverzekeringen
Voor het DELA LeefdoorPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de zuivere netto methode tegen 3% interest en op basis van de prognosetafels zoals deze ten tijde van de introductie van het tarief door het Koninklijk Actuarieel Genootschap zijn gepubliceerd.

De technische voorziening voor levensverzekeringen zoals gesloten in Duitsland wordt berekend volgens de zuivere netto methode tegen 3% interest en met de sterftekansen op basis van 46% van de “DAV2008T NR/R, 2. Ordnung” tafel, zoals geproduceerd door de Deutsche Aktuarvereinigung.

2.12.4 Spaarverzekeringen
Voor het DELA CoöperatiespaarPlan wordt de technische voorziening berekend volgens de opgebouwde poliswaarde op grond van de ingelegde spaarpremies, de reeds toegekende winstaandelen alsmede de interestvoet behorende bij het tarief.

2.12.5 Premies
De premies bevatten opslagen voor dekking van de kosten. Wanneer de premies worden ontvangen of invorderbaar zijn geworden, vallen de opslagen vrij en zijn deze beschikbaar voor dekking van de werkelijke kosten, waaronder begrepen doorlopende kosten en acquisitiekosten. Voor enkele kleinere technische voorzieningen worden afwijkende grondslagen gehanteerd.

2.12.6 Acquisitiekosten
De geactiveerde acquisitiekosten worden op de voorziening in mindering gebracht.

2.13 Voorzieningen

2.13.1 Algemeen
Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten.

De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. De voorzieningen worden op balansdatum opnieuw beoordeeld.

Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt, en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, dan wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.

2.13.2 Pensioenvoorziening
Nederland
Met ingang van 1 januari 2018 is de pensioenregeling van de Nederlandse groepsmaatschappijen overgegaan van een beschikbare uitkering (middelloonregeling) naar een beschikbare premieregeling. Deelnemers bouwen een pensioenkapitaal op waarmee op het moment van pensionering een pensioenuitkering aangekocht dient te worden.

De belangrijkste kenmerken van deze regeling zijn:

  • werkgever betaald maandelijks op persoonsniveau een premie aan de uitvoerder;
  • het pensioengevend loon is 14 * het vaste maandsalaris (2018: maximaal € 105.075);
  • de pensioengrondslag waarover de werkgever premie inlegt is het pensioengevend loon minus de wettelijk minimale franchise;
  • de pensioenpremie die betaald wordt aan de uitvoerder is gebaseerd op een leeftijdsstaffel met oplopende premiepercentages, uitgaande van een rekenrente van 2%;
  • de eigen bijdrage van de werknemer is 4,5% van de pensioengrondslag;
  • de regeling leidt niet tot enige verplichting op balansdatum, met uitzondering van verplichtingen die ontstaan uit nog niet betaalde premies.

Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing. Er worden op verplichte, contractuele of vrijwillige basis premies aan pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen betaald door DELA Natura Groep. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.

België
De pensioenregeling van de Belgische groepsmaatschappijen omvat een premie t.b.v. 4,0% van het jaarlijks referentieloon, te verhogen met 4,4% belasting. Het jaarlijks referentieloon is een bruto-maandloon x 13,92 maanden. De premies worden maandelijks betaald. Met deze premies worden de volgende waarborgen verzekerd voor de werknemer:

  • De overlijdensverzekering is een aanvullende waarborg die verbonden is met de Natura Groepsverzekering. De nabestaanden zullen een overlijdenskapitaal ontvangen als de werknemer overlijdt vóór de einddatum.
  • Het gewaarborgd inkomen (invaliditeitsrente) is een aanvullende waarborg. In geval van arbeidsongeschiktheid door ziekte, bevalling of een privé-ongeval, ontvangt de verzekerde een vervangingsinkomen.

Op de einddatum van de groepsverzekering zijn er twee mogelijkheden:

  • Ofwel wordt er eenmalig een pensioenkapitaal uitbetaald.
  • Ofwel wordt er een periodieke rente uitbetaald.

Duitsland
In Duitsland is geen pensioenregeling van kracht.

Algemeen
Daarnaast neemt DELA Natura Groep een vordering op voor:

  • toegezegde restituties als gevolg van een hoge dekkingsgraad van het pensioenfonds;
  • overrente of winstdeling die overeenkomstig de bepalingen in een verzekeringscontract beschikbaar komt voor de Natura Groep;
  • voordelen van individuele waardeoverdrachten die ten gunste komen van DELA Natura Groep;
  • aanvullende stortingen om de beleggingsmix te garanderen.

Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomsten wordt beoordeeld welke verplichtingen er op balansdatum bestaan naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie. Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de Natura Groep en worden in de balans opgenomen in een voorziening.

De waardering van de verplichting is gebaseerd op nominale waarde tenzij sprake is van een langlopende verplichting. In dat geval wordt de verplichting tegen contante waarde gewaardeerd. Discontering vindt plaats op basis van rentetarieven van hoogwaardige ondernemingsobligaties.

Toevoegingen aan en vrijval van de verplichtingen komen ten laste van respectievelijk ten gunste het resultaat.

Een pensioenvordering wordt in de balans opgenomen wanneer:

  • de Natura Groep beschikkingsmacht heeft over de pensioenvordering;
  • het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen die de pensioenvordering in zich bergt zullen toekomen aan DELA Natura Groep;
  • de pensioenvordering betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Ultimo 2018 zijn er voor DELA Natura Groep geen pensioenverplichtingen. Er is wel een vordering op Zwitserleven waar de pensioenregeling is ondergebracht. In geval van een onderdekking heeft DELA Coöperatie U.A. de keuze om het beleggingsmandaat actief in stand te houden door een additionele garantiestorting te doen. Door de gedaalde rente zijn de garantiestortingen opgelopen.

2.13.3 Voorziening jubilea
De voorziening jubilea wordt opgenomen voor verwachte lasten gedurende het dienstverband. De gehanteerde actuariële methode staat bekend als Projected Unit Credit-methode. Hierbij wordt rekening gehouden met toekomstige salarisstijgingen, overlevings- en arbeidsongeschiktheidskansen en dergelijke. Als lange termijn beleggingsrendement is 1,9% (2017: 1,8%) aangehouden, voor de algemene salarisstijging 2,0% (2017: 2,0%) en voor de indexatie inactieven 1,0% (2017: 1,0%) per jaar. De AG Generatietafel 2016 en de WIA/IVA-ervaringscijfers zijn toegepast. De aldus berekende verplichting is contant gemaakt tegen 1,6% ultimo 2018 (2017: 1,5%).

2.13.4 Overige voorzieningen
De overige voorzieningen worden opgenomen tegen nominale waarde.

2.13.5 Latente belastingverplichtingen
Latente belastingverplichtingen worden opgenomen voor tijdelijke verschillen tussen de waarde van de activa en passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de waarderingsgrondslagen die in deze jaarrekening gevolgd worden anderzijds en hebben voornamelijk betrekking op de fiscaal afwijkende waardering van onroerende zaken, geldleningen en effecten. De berekening van de latente belastingverplichtingen geschiedt tegen de belastingtarieven die op het einde van het verslagjaar gelden of tegen de tarieven die in de komende jaren gelden, voor zover deze al bij wet zijn vastgesteld. In Nederland wordt het nominale tarief verlaagd van 25,0% in 2018 en 2019 naar 22,55% in 2020 en 20,5% in 2021. In België wordt het nominale tarief verlaagd van 29,58% in 2018 en 2019 naar 25% vanaf 2020. Bij het bepalen van de voorziening is rekening gehouden met de effecten van de nieuwe tarieven. In Duitsland wordt rekening gehouden met het geldende nominale tarief van 30%.

Latente belastingen worden verantwoord voor tijdelijke verschillen, tenzij DELA Natura Groep in staat is het tijdstip van afloop van het tijdelijke verschil te bepalen en het niet waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de voorzienbare toekomst zal aflopen.

Latente belastingverplichtingen worden gewaardeerd op nominale waarde.

2.14 Schulden

Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde, welke bij aanvang gelijk is aan de geamortiseerde kostprijs. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden, worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Langlopende Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Indien er geen sprake is van (dis)agio is deze gelijk aan de nominale waarde.

Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de resultatenrekening als interestlast verwerkt.

2.15 Overlopende passiva

De overlopende passiva worden tegen nominale waarde gewaardeerd.

2.16 Leasing

Bij DELA Natura Groep bestaan leasecontracten waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan de eigendom verbonden zijn, niet bij DELA Natura Groep ligt. Deze leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Verplichtingen uit hoofde van operationele leasing worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor, op lineaire basis verwerkt in de resultatenrekening over de looptijd van het contract.

2.17 Opbrengstverantwoording

2.17.1 Brutopremies
Het brutopremies bestaan uit de premies die door de polishouders zijn verschuldigd voor afgesloten verzekeringscontracten.

De brutopremies exclusief belastingen en andere heffingen uit hoofde van verzekeringscontracten worden als opbrengst opgenomen wanneer deze verschuldigd zijn door de polishouder. Voor koopsomcontracten en verzekeringen met beperkte premiebetaling wordt de premie opgenomen als bate wanneer deze verschuldigd is, waarbij de eventuele kosten- en risicodekkingen worden uitgesteld en in het resultaat worden opgenomen in een constante verhouding tot de lopende verzekering. Tariefkortingen worden bij het afsluiten van het contract als bruto premie verantwoord en voor een evenredig bedrag opgenomen onder de technische lasten op verzekeringscontracten.

2.17.2 Herverzekeringspremies
De herverzekeringspremies omvatten de premies op gegeven herverzekeringscontracten. Deze worden naar evenredigheid van de looptijd van het contract als last opgenomen in de resultatenrekening.

2.18 Bedrijfskosten

2.18.1 Acquisitiekosten
Acquisitiekosten zijn de kosten die direct of indirect samenhangen met het afsluiten van verzekeringen, die afhankelijk zijn van en betrekking hebben op het verkrijgen van nieuwe en de verlenging van bestaande verzekeringscontracten. Onder acquisitiekosten wordt begrepen provisies, reclame- en andere verkoopkosten. Aan derden betaalde provisies inzake verzekeringsproducten die gedurende een langere periode dan drie jaar kunnen worden teruggevorderd, worden geactiveerd. De geactiveerde acquisitiekosten worden in mindering gebracht op de technische voorzieningen en in tien jaar afgeschreven ten laste van het resultaat. Het jaarlijks te activeren bedrag wordt gesaldeerd met de in het jaar teruggevorderde retourprovisies. Acquisitiekosten worden geactiveerd voor zover zij kunnen worden terugverdiend uit het verwachte brutoresultaat van de onderliggende nieuwe productie van dat jaar. De afschrijvingsperiode wordt periodiek beoordeeld. Indien van toepassing wordt de afschrijvingslast aangepast aan de kortere afschrijvingsperiode.

Aan derden betaalde provisies inzake verzekeringsproducten die niet gedurende een langere periode dan drie jaar kunnen worden teruggevorderd, worden op dezelfde wijze verwerkt als de bedrijfskosten. Als onderdeel van de toereikendheidstoets vindt jaarlijks vindt een beoordeling van bijzondere waardevermindering plaats op de geactiveerde acquisitiekosten, waarbij wordt vastgesteld of de toekomstige bijdrage uit de verzekeringsproducten voldoende is om de geactiveerde kosten te kunnen dekken.

2.18.2 Personeelskosten
Periodiek betaalbare beloningen
Lonen, salarissen en sociale lasten worden verwerkt in de resultatenrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers en de belastingautoriteiten.

Pensioenpremies
Voor de beschikbare premieregeling betaalt de Natura Groep, op verplichte, contractuele of vrijwillige basispremie aan de verzekeringsmaatschappij. De premies worden verantwoord als personeelskosten als deze verschuldigd zijn.

2.18.3 Afschrijvingen bedrijfsmiddelen
Immateriële vaste activa en vaste bedrijfsmiddelen worden vanaf het moment van ingebruikname afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekwinsten en -verliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de bijzondere baten en lasten.

2.19 Andere baten en lasten

Onder de andere baten en lasten zijn de opbrengsten en kosten verantwoord die voortvloeien uit andere dan verzekerings- en beleggingsactiviteiten of een incidenteel karakter hebben.

2.20 Belastingen

De belasting over het resultaat wordt berekend over het resultaat voor belastingen in de resultatenrekening, rekening houdend met fiscaal compensabele verliezen (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten.

Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen die optreden in de latente belastingvorderingen en latente belastingschulden uit hoofde van wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.

3. Toelichting op de balans

3.1 Immateriële vaste activa

Immateriële vaste activa, verloop

Bedragen x € 1.000

Immateriële vaste activa, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   29.443  32.183     
           
Investeringen   5.557  1.948     
Verwerving als gevolg van acquisities   12.393  ‑     
Afschrijvingen   ‑12.823  ‑4.688     
           
Boekwaarde per 31 december   34.570  29.443     

De investeringen betreffen geactiveerde kosten met betrekking tot het Belgische verzekeringssysteem. Aangezien besloten is het Belgische verzekeringssysteem in 2019 te vervangen, zijn alle geactiveerde kosten volledig afgeschreven in 2018. Dit verklaart tevens de hoge afschrijvingen ten opzichte van 2017. De verwerving als gevolg van acquisities betreft de overgenomen verzekeringsportefeuille van Hooghenraed.

In de immateriële vaste activa zijn geen intern gegenereerde activa opgenomen.

Immateriële vaste activa, cumulatief

Bedragen x € 1.000

Immateriële vaste activa, cumulatief
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Verkrijgingsprijzen   87.912  69.962     
Cumulatieve waardemutaties en afschrijvingen   ‑53.342  ‑40.519     
           
Boekwaarde per 31 december   34.570  29.443     

Immateriële vaste activa, specificatie

Bedragen x € 1.000

Immateriële vaste activa, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Value of business acquired   31.367  20.728     
Overige immateriële activa   3.203  8.715     
           
Boekwaarde per 31 december   34.570  29.443     

3.2 Beleggingen

3.2.1 Terreinen en gebouwen

3.2.1.1 Voor eigen gebruik

Onroerende zaken voor eigen gebruik, verloop

Bedragen x € 1.000

Onroerende zaken voor eigen gebruik, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   6.642  3.738     
           
Investeringen   1.445  5.849     
Desinvesteringen   ‑  ‑2.374     
Afschrijvingen   ‑365  ‑2     
Waardevermindering   ‑  ‑569     
Herwaardering   25  ‑     
           
Boekwaarde per 31 december   7.747  6.642     
           
Aanschafwaarde   8.726  7.281     
Afwaarderingen   1.249  1.224     
Cumulatieve afschrijvingen   ‑2.228  ‑1.863     
           
Boekwaarde per 31 december   7.747  6.642     

3.2.1.2 Overige terreinen en gebouwen

Beleggingen in onroerende zaken, verloop

Bedragen x € 1.000

Beleggingen in onroerende zaken, verloop
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Boekwaarde per 1 januari   1.120.659  1.302.702     
           
Investeringen   110.105  29.060     
Verwerving als gevolg van acquisities   3.448  ‑     
Desinvesteringen   ‑21.665  ‑228.031     
Herwaardering   25.591  16.928     
           
Boekwaarde per 31 december   1.238.138  1.120.659     

Over de desinvesteringen is een positief resultaat van € 111 gerealiseerd.

 

Beleggingen onroerende zaken, specificatie

Bedragen x € 1.000

Beleggingen onroerende zaken, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
Winkels (-/- milieuvoorziening)   876.396  843.625     
Woningen   84.565  79.484     
Crematoria en uitvaartcentra   200.122  128.640     
Kantoren   40.185  37.161     
Parkeren   27.545  26.800     
Overige   9.325  4.949     
           
Totaal   1.238.138  1.120.659     

De beleggingen in winkels bestaan hoofdzakelijk uit winkelpanden op A-1 locaties en winkelcentra verspreid over Nederland.

In 2018 zijn in België uitvaartcentra verkregen van zusterbedrijf DELA Holding Belgium N.V. (€ 40.554). Verder is de waarde van de crematoria toegenomen door investeringen (€ 12.128) en heeft er een herijking van de parameters plaatsgevonden in samenwerking met een externe deskundige (€ 18.800) ter verbetering van het inzicht in het resultaat en vermogen. De (schattings)wijziging is verwerkt overeenkomstig de grondslagen.

Overige onroerende zaken betreffen DomusDela Vastgoed en DomusDela Klooster.

Van de onroerende zaken was per 31-12 2018 van de winkels € 22.045, van de woningen € 4.543, van de crematoria € 6.565 en van DomusDela € 9.325 in ontwikkeling.

De volgende bedragen zijn met betrekking tot onroerende zaken in de resultatenrekening verwerkt:

Onroerende zaken, bedragen in resultatenrekening

Bedragen x € 1.000

Onroerende zaken, bedragen in resultatenrekening
    2018 2017    
           
Huurinkomsten   72.976  55.180     
Overige baten en lasten   53.978  ‑2.787     
Exploitatiekosten   9.497  11.315     

De huurinkomsten zijn gestegen ten opzichte van 2017 door een stijging van de huurinkomsten van DELA Vastgoed N.V. van € 7.373. In 2018 zijn in tegenstelling tot 2017 de huurinkomsten van crematoria en uitvaartcentra meegenomen (€ 10.433).

De overige baten en lasten bestaan hoofdzakelijk uit herwaarderingen van de onroerende zaken.

DELA heeft aangaande leegstand een beperkte omvang aan exploitatiekosten.

Contractuele verplichtingen vastgoed in ontwikkeling

Bedragen x € 1.000

Contractuele verplichtingen vastgoed in ontwikkeling
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Voor nieuwbouw   ‑  ‑     
Voor herontwikkeling   8.503  15.827     
           
Totaal   8.503  15.827     

Aanvullende toelichting op de waarderingsmethode
De waardering van de onroerende zaken wordt onder meer gebaseerd op beschikbare marktgegevens en wordt samengesteld door externe taxateurs. De taxaties worden uitgevoerd conform de richtlijnen van de RICS zoals geformuleerd in de RICS Taxatiestandaarden en conform het reglement van de NRVT. Zowel de RICS Taxatiestandaarden als het reglement van de NRVT voldoen aan de “International Valuation Standards” en derhalve voldoen de taxaties hier ook aan. De methode is afhankelijk van het type vastgoed. In de vastgoedportefeuille is de BAR/NAR-methode en de Discounted cashflow (DCF) methode gehanteerd. Minimaal één keer in de 3 jaar wordt de waarde door onafhankelijke, externe deskundigen vastgesteld, door middel van een full valuation, dit op basis van onderhandse verkoopwaarde in verhuurde staat. In de tussenliggende jaren wordt de waarde gebaseerd op een hertaxatie of een markttechnische update, welke ook door de externe deskundigen wordt vastgesteld. De gehele portefeuille is gewaardeerd door de externe taxateurs CBRE en MVGM. Beide taxateurs beschikken over een ISAE3402 type II verklaring. De verantwoordelijke taxateurs zijn ingeschreven bij het NRVT. De gehanteerde disconteringsvoet bedraagt tussen de 2% en 8%.

Winkels
Voor het bepalen van de actuele waarde van de winkels zijn de volgende berekeningsmethoden gehanteerd: de huurwaardekapitalisatiemethode of de DCF-methode. De hoofdmethode betreft de huurwaardekapitalisatiemethode waarbij de actuele waarde is bepaald aan de hand van de bruto markthuurwaarde van de verhuurbare vloeroppervlakten van de gebouwen en/of terreinen, verminderd met onroerende zaak gebonden zakelijke en andere lasten en gerelateerd aan een onder de huidige marktomstandigheden reëel geacht nettorendement.

Woningen
Voor de bepaling van de actuele waarde van de woningen wordt de DCF-methode gebruikt. Bij deze berekening wordt uitgegaan van een rendement gedurende een beschouwperiode van 10 jaar. De cashflows bestaan uit huurinkomsten verminderd met onroerende zaak gebonden zakelijke en andere lasten.

Parkeergarages/-terreinen en kantoren
Voor parkeergarages/-terreinen en kantoren is het in de markt gangbaar om deze objecten te waarderen op basis van de inkomstenbenadering en de vergelijkingsmethodiek. Derhalve is de waardering tot stand gekomen door middel van een gecombineerde BAR/NAR-DCF rekenmethodiek.

Crematoria
Crematoria worden gewaardeerd tegen de actuele waarde op balansdatum aangezien deze periode als opstartfase aangemerkt wordt en er nog geen betrouwbare inschatting van toekomstige kasstromen gemaakt kan worden. Voor de bepaling van deze actuele waarde wordt bij crematoria ouder dan 5 jaar de DCF-methode gebruikt en de markthuurkapitalisatiemethode. De methode is in 2018 verfijnd. De gehanteerde discount rates zijn marktconform en liggen tussen de 9,0% en de 9,75%. Minimaal één keer in de 5 jaar wordt de waarde door onafhankelijke, externe deskundigen vastgesteld.

De crematoria jonger dan 5 jaar worden gewaardeerd op basis van de stichtingskosten. Daarnaast wordt jaarlijks met een intern rekenmodel getoetst of er een bijzondere waardevermindering moet plaatsvinden.

Door het gebrek aan actuele transacties in de markt die gebruikt kunnen worden om het taxatieproces te valideren, heeft het taxeren van onroerende zaken een verhoogde graad van onzekerheid. In geval er sprake is van verkooptransacties in de periode waarin de jaarrekening wordt opgemaakt waarbij er afwijkingen zijn tussen de verkoopwaarde en de taxatiewaarde, vindt waardering van de onroerende zaak plaats tegen de gerealiseerde verkoopwaarde. Verkoopresultaten en waardeveranderingen van op marktwaarde gewaardeerde onroerende zaken worden verwerkt in de resultatenrekening. Via de resultatenrekening worden deze waardeveranderingen verwerkt in de herwaarderingsreserve, waarbij met latente belastingen rekening wordt gehouden. Hierbij wordt rekening gehouden met de oorspronkelijke kostprijs.

Uitvaartcentra
Uitvaartcentra worden gewaardeerd tegen de actuele waarde op balansdatum. Deze actuele waarde is door onafhankelijke, externe deskundigen vastgesteld.

3.2.2 Beleggingen in groepsmaatschappijen en deelnemingen

Dit betreft een lening aan DELA Holding Belgium N.V.

3.2.3 Overige financiële beleggingen

Overige financiële beleggingen, verloop

Bedragen x € 1.000

Overige financiële beleggingen, verloop
  Eindstand 2017 Aankopen Verkopen en aflossingen Overige mutaties Eindstand 2018
           
Aandelen 2.184.928  757.686  ‑761.411  ‑224.360  1.956.843 
Obligaties 1.786.518  1.029.869  ‑1.158.275  ‑74.832  1.583.280 
Derivaten 27.274  35.208  ‑  17.671  80.153 
Vorderingen uit hypothecaire leningen 284.577  23.865  ‑24.288  ‑1.038  283.116 
Vorderingen uit andere leningen 64.780  283.104  ‑193.058  ‑1.754  153.072 
Infrastructuur 13.936  15.484  ‑3.761  14.875  40.534 
Beleggingen in liquide middelen 29.323  ‑  ‑  ‑936  28.387 
Andere financiële beleggingen 206.139  46.737  ‑13.009  20.594  260.461 
       
Totaal 4.597.475  2.191.953  ‑2.153.802  ‑249.780  4.385.846 

Overige financiële beleggingen, overige waarderingen

Bedragen x € 1.000

Overige financiële beleggingen, overige waarderingen
31-12-2018 Balans-
waarde
Kostprijs Markt-
waarde
   
           
Aandelen 1.956.843  1.851.157  1.956.843     
Obligaties 1.583.280  1.656.097  1.583.280     
Derivaten 80.153  54.138  80.153     
Vorderingen uit hypothecaire leningen 283.116  283.116  313.003     
Vorderingen uit andere leningen 153.072  155.718  153.072     
Infrastructuur 40.534  41.385  40.534     
Beleggingen in liquide middelen 28.387  28.387  28.387     
Andere financiële beleggingen 260.461  225.131  260.461     
     
Totaal 4.385.846  4.295.129  4.415.733     
31-12-2017 Balans-
waarde
Kostprijs Markt-
waarde
   
           
Aandelen 2.184.928  1.786.466  2.184.928     
Obligaties 1.786.518  1.779.914  1.786.518     
Derivaten 27.274  41.887  27.274     
Vorderingen uit hypothecaire leningen 284.577  284.577  317.572     
Vorderingen uit andere leningen 64.780  64.718  64.717     
Infrastructuur 13.936  13.733  13.936     
Beleggingen in liquide middelen 29.323  29.323  29.323     
Andere financiële beleggingen 206.139  206.139  206.139     
     
Totaal 4.597.475  4.206.757  4.630.407     

3.2.4 Aandelen en obligaties

Alle aandelen en obligaties zijn beursgenoteerd.

De modified duration is een maat voor de rentegevoeligheid, De modified duration van de obligaties en andere leningen bedraagt 5,6. De verplichtingen hebben een modified duration van 35,0.

Aandelen, geografische verdeling

Bedragen x € 1.000

Aandelen, geografische verdeling
    2018       
           
Azië-Pacific   35,6%      
Europa   30,7%      
Noord-Amerika   29,1%      
Latijns Amerika   3,4%      
Midden Oosten   1,2%      
         
Totaal   100,0%      

Niet-afgedekte valutaposities

Bedragen x € 1.000

Niet-afgedekte valutaposities
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Amerikaanse dollar    297.552   377.146     
Hong Kong dollar    139.633   125.367     
Zuid-Koreaanse won    65.945   26.500     
Japanse yen    65.013   67.859     
Braziliaanse real    58.207   63.188     
Engelse pond    50.699   61.747     
Zuid-Afrikaanse rand    38.117   43.124     
Nieuwe Taiwanese dollar    37.342   9.100     
Mexicaanse peso    33.815   35.628     
Canadese dollar    34.053   18.000     
Thaise bath    32.998   19.700     
Poolse zloty    30.093   33.252     
Indonesische rupiah    27.830   31.992     
Zweedse kroon    26.696   30.485     
Indiase roepie    24.892   12.500     
Overig    213.423   228.112     
       
Totaal    1.184.846   1.183.700     

Vastrentende waarden, verdeling naar sectoren

Bedragen x € 1.000

Vastrentende waarden, verdeling naar sectoren
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Overheid – binnenland   2,9% 3,3%    
Overheid – buitenland   38,5% 43,2%    
Financiële instellingen   25,6% 28,2%    
Handel, industrie en overige dienstverlening   18,3% 20,3%    
Overige   14,7% 5,0%    
       
Totaal   100,0% 100,0%    

De vastrentende waarden bestaan uit de obligaties en de vorderingen uit andere leningen. De stijging van de rubriek "Overige" komt doordat in 2018 voor € 108 miljoen is geïnvesteerd in bedrijfsleningen, welke voor het grootste gedeelte aan deze categorie worden toegekend.

Vastrentende waarden, verdeling naar rating

Bedragen x € 1.000

Vastrentende waarden, verdeling naar rating
    31-12-2018 31-12-2017    
           
AAA   14,4% 16,5%    
AA   7,1% 7,5%    
A   14,1% 19,1%    
BBB   23,5% 20,3%    
< BBB   32,6% 33,2%    
Overige   8,2% 3,4%    
       
Totaal   100,0% 100,0%    

De stijging van de rubriek "Overige" komt doordat in 2018 voor € 108 miljoen is geïnvesteerd in bedrijfsleningen, welke overwegend geen rating hebben.

3.2.5 Derivaten

De reële waarde van de derivaten is afhankelijk van het type instrument en wordt gebaseerd op een contante-waardemodel (valutatermijncontracten) of een optiewaarderingsmodel (putopties).

Derivaten, specificatie

Bedragen x € 1.000

Derivaten, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Valutatermijncontracten   20.430  18.197     
Putopties (ten behoeve van tail risk hedge)   59.723  9.077     
       
Boekwaarde per 31 december   80.153  27.274     

3.2.6 Vorderingen uit hypothecaire leningen

De rubricering is ten opzichte van vorig boekjaar aangepast. Reden is om de rubricering beter aan te laten sluiten op de risico's die worden gelopen. Gevolg is dat de vergelijkende cijfers zijn aangepast (verschuiving van € 1,3 miljoen hypothecaire leningen naar beleggingen in liquide middelen).

3.2.7 Infrastructuur

De waardering geschiedt door de fondsmanager en is gebaseerd op richtsnoeren vastgesteld door de International Private Equity and Venture Capital Association (IPEV-Richtsnoeren). De IPEV-Richtsnoer is weer gebaseerd op de DCF-methode.

3.2.8 Andere financiële beleggingen

De andere financiële beleggingen hebben hebben betrekking op belangen in participatiemaatschappijen en niet-beursgenoteerde vastgoedondernemingen. De marktwaarde is gebaseerd op de DCF-methode.

3.2.9 Securities lending

DELA leent aandelen en obligaties uit (securities lending). Om het risico voor DELA te beperken dienen de leners hiervoor onderpand (collateral) te storten. Hierbij is cash-collateral niet toegestaan en aan de lenende partijen worden strenge eisen gesteld. Om het risico verder te beperken worden de volgende aanvullende restricties opgelegd:

  • Alleen tegenpartijen met een rating van minimaal A-, volgens S&P.
  • Onderpand alleen staatsobligaties van OECD-landen met een rating van minimaal AA- volgens S&P
  • De marktwaarde van het onderpand dient minimaal 102% te bedragen van de marktwaarde van de uitgeleende effecten
  • Aandelen op onze engagement lijst worden niet uitgeleend.

De marktwaarde van de uitgeleende stukken per 31-12-2018 bedraagt € 194.832.

3.3 Vorderingen

3.3.1 Vorderingen uit directe verzekeringen

Door de omvang en spreiding van de bedrijfsactiviteiten van DELA Natura is het kredietrisico uit hoofde van vorderingen uit directe verzekeringen slechts in beperkte mate geconcentreerd. Naast de gebruikelijke voorziening voor dubieuze vorderingen op tussenpersonen is derhalve geen aanvullende voorziening voor kredietrisico gevormd.

3.3.2 Overige vorderingen

Overige vorderingen, specificatie

Bedragen x € 1.000

Overige vorderingen, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Latente belastingvorderingen   48.925  37.550     
Vennootschapsbelasting   81.789  4.476     
Belastingen en premies sociale verzekeringen   8.756  719     
Debiteuren   5.388  309     
Overige vorderingen   19.675  11.528     
       
Totaal   164.533  54.582     

De overige vorderingen hebben een looptijd van korter dan een jaar, behalve de latente belastingvorderingen.

3.3.3 Latente belastingvorderingen

Latente belastingvorderingen, specificatie

Bedragen x € 1.000

Latente belastingvorderingen, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Andere fiscale activering van eerste kosten   21.332  24.608     
Verliesverrekening voorgaande jaren   18.811  8.852     
Andere fiscale waardering effecten en vastrentende waarden   7.830  3.041     
Andere fiscale waardering immateriële activa   679  872     
Overig   273  177     
       
Totaal   48.925  37.550     

Van de totale latente belastingvorderingen wordt naar verwachting € 12.616 binnen één jaar verrekend.

3.4 Overige activa

Materiële vaste activa, verloop

Bedragen x € 1.000

Materiële vaste activa, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   9.378  7.036     
           
Investeringen   859  5.227     
Desinvesteringen   ‑444  ‑129     
Afschrijvingen   ‑2.305  ‑2.756     
       
Boekwaarde per 31 december   7.488  9.378     

3.5 Groepsvermogen

Groepsvermogen, verloop

Bedragen x € 1.000

Groepsvermogen, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   1.240.786  1.023.362     
           
Resultaat na belastingen   ‑172.016  257.422     
Uitgekeerd dividend   ‑60.000  ‑40.000     
Overige mutaties   345     
       
Boekwaarde per 31 december   1.009.115  1.240.786     

3.6 Solvabiliteit

De Natura Groep bepaalt de solvabiliteit op basis van Solvency II. Dat zijn Europese rekenregels waarbij voor het bepalen van de solvabiliteit rekening wordt gehouden met de risico’s die in de balans van de verzekeraars zijn opgenomen. DELA Natura hanteert het zogeheten standaardmodel Solvency II voor haar berekeningen. Hierbij wordt uitgegaan van de door Europees toezichthouder EIOPA gepubliceerde rentetermijnstructuur (inclusief Ultimate Forward Rate en Volatility Adjustment) per ultimo 2018.

Solvabiliteit

Bedragen x € 1.000

Solvabiliteit
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Vereiste solvabiliteit   432.654  533.860     
Aanwezige solvabiliteit   1.671.433  1.746.919     
Solvabiliteitsratio   386% 327%    

3.7 Technische voorzieningen

Technische voorzieningen, specificatie

Bedragen x € 1.000

Technische voorzieningen, specificatie
    2018  2017     
           
Bruto technische voorzieningen   4.674.166  4.373.066     
Herverzekeringsdeel   ‑18.305  ‑16.304     
Overrentedeling   600  2.720     
Geactiveerde acquisitiekosten   ‑72.277  ‑67.990     
         
Boekwaarde per 31 december   4.584.184  4.291.492     

Technische voorzieningen, verloop

Bedragen x € 1.000

Technische voorzieningen, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   4.291.492  4.062.701     
           
Toevoegingen ten laste van de resultatenrekening          
- Uit premies   342.556  327.002     
- Interest   129.019  123.763     
- Winstdeling   42.415  17.753     
- Overname/conversie portefeuille   26.878  ‑     
- Uitkeringen   ‑123.364  ‑119.513     
- Deelpremie voor overlijden   ‑114.548  ‑109.515     
- Onttrekking voor kosten   ‑6.600  ‑5.817     
- Overige mutaties   623  26     
- Geactiveerde acquisitiekosten   ‑4.287  ‑4.908     
       
Boekwaarde per 31 december   4.584.184  4.291.492     

De totale technische voorziening wordt als langlopend beschouwd.

Het aandeel van herverzekeraars in de technische voorzieningen en de uitkeringen waartoe DELA Natura Groep uit hoofde van haar herverzekeringscontracten gerechtigd is, worden in mindering gebracht op de bruto technische voorzieningen.

De voorzieningen voor het levenrisico zijn in beginsel gebaseerd op tariefgrondslagen, waarbij rekening gehouden wordt met marktspecifieke veronderstellingen en het kostenniveau van de verzekeraar.

Financiële grootheden levensverzekeringen

Bedragen x € 1.000

Financiële grootheden levensverzekeringen
31-12-2018 Stand-premie Verzekerd kapitaal Opgebouwd saldo Voorziening verzekerings-verplichtingen  
           
Uitvaartverzekering 370.354  19.607.048  ‑  4.429.326   
Spaarverzekering 30.582  221.513  201.376  201.376   
Overlijdensrisicoverzekering 31.579  23.158.103  ‑  43.464   
Herverzekering ‑  ‑  ‑  ‑18.305   
           
Totaal 432.515  42.986.664  201.376  4.655.861   
31-12-2017 Stand-premie Verzekerd kapitaal Opgebouwd saldo Voorziening verzekerings-verplichtingen  
           
Uitvaartverzekering 344.584  18.708.620  ‑  4.196.886   
Spaarverzekering 26.073  157.057  142.779  142.779   
Overlijdensrisicoverzekering 28.218  19.839.618  ‑  33.400   
Herverzekering ‑  ‑  ‑  ‑16.304   
           
Totaal 398.875  38.705.295  142.779  4.356.761   

Geactiveerde acquisitiekosten, verloop

Bedragen x € 1.000

Geactiveerde acquisitiekosten, verloop
    2018  2017     
           
Boekwaarde per 1 januari   67.990  63.082     
           
Verleend   12.254  12.092     
Afgeschreven   ‑7.967  ‑7.184     
       
Boekwaarde per 31 december   72.277  67.990     

Per 1 januari 2013 is het provisieverbod in Nederland van kracht, waardoor in Nederland geen provisiekosten meer worden gemaakt en geactiveerd. In België en Duitsland bestaat geen provisieverbod en worden wel provisiekosten gemaakt en geactiveerd.

3.8 Toereikendheidstoets

De toereikendheidstoets betreft een toets van de balansvoorziening waarbij wordt aangetoond dat deze toereikend is om met een grote mate van zekerheid aan de verplichtingen jegens polishouders te kunnen voldoen. De toets houdt in dat de balansvoorziening wordt vergeleken met een voorziening, die rekening houdt met actuele inschattingen van alle toekomstige kasstromen en met toekomstige ontwikkelingen. In deze kasstromen is de winstdeling en premiemaatregel begrepen. Bij deze actuele schatting zijn onzekerheidsmarges in acht genomen, zoals voorgeschreven in Richtlijn 605 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Indien deze actuele schatting lager uitkomt dan de aanwezige technische voorziening dan kan gesteld worden dat de aanwezige balansvoorziening toereikend is om de toekomstige verplichtingen jegens de polishouders te voldoen.

Jaarlijks wordt deze toereikendheidstoets op de totale portefeuille verzekeringsverplichtingen uitgevoerd. Een eventueel tekort wordt onmiddellijk ten laste van de resultatenrekening gebracht door in eerste instantie de toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles af te boeken, eventueel gevolgd door een afboeking van de geactiveerde acquisitiekosten en vervolgens voor zover noodzakelijk een aanvullende voorziening te treffen. Afboekingen op geactiveerde acquisitiekosten of de toekomstige winstmarges in overgenomen portefeuilles als gevolg van deze toets worden in latere jaren niet meer teruggenomen.

Veronderstellingen toereikendheidstoets

Veronderstellingen toereikendheidstoets
Disconteringsvoet Gebaseerd op door EIOPA gepubliceerde rentetermijnstructuur, waarbij rekening is gehouden met de Ultimate Forward Rate (UFR) en Volatility Adjustment (VA), per 31 december 2018.
Winstdeling Er is sprake van volledige winstdeling indien de dekkingsgraad, ofwel de marktwaarde van de beleggingen uitgedrukt in procenten van de marktwaarde van de reeds toegekende verplichtingen, hoger is dan 225%. Indien de dekkingsgraad 125% of lager is, dan is er geen winstdeling. Tussen 125% en 225% is de winstdeling naar evenredigheid.
Premiemaatregel Indien zowel de 20 jaars swaprente volgens de hierboven omschreven rentetermijnstructuur lager is dan 1% als de dekkingsgraad lager is dan 125% wordt er een extra premieverhoging gevraagd.
Verwachte sterfte Meest recente prognosetafel van het Koninklijk Actuarieel Genootschap voor Nederland en prognosetafel van het Instituut van de Actuarissen in België voor België, gecorrigeerd met leeftijdscorrecties waar nodig.
Onnatuurlijk verval Ervaringskansen per homogene risicogroep op basis van de eigen portefeuille.
Kosten Kosten per dekking, inclusief de beleggingskosten behorende tot de technische voorziening. De kosten per dekking zijn bepaald op basis van de begroting 2019 voor zowel Nederland als België.
Garanties Reële waarde.

Het totaal van de technische voorzieningen laat bij de uitgevoerde toereikendheidstoetsen op marktwaarde een overwaarde van € 813 miljoen (2017: € 658 miljoen) zien. De overwaarde is gestegen ten opzichte van 2017 als gevolg van een daling van de marktrente. De uitkomsten van de toereikendheidstoets zijn op het niveau van DELA Natura (inclusief het Belgische en Duitse bijkantoor) uitgevoerd. Gezien de materialiteit van de technische voorziening van de Duitse portefeuille is deze niet apart gemodelleerd. 

3.9 Voorzieningen

Het verloop van deze voorzieningen is als volgt:

Voorzieningen, verloop

Bedragen x € 1.000

Voorzieningen, verloop
  Boekwaarde 31-12-2017 Dotatie Onttrokken Overige waardemutaties Boekwaarde 31-12-2018
           
Voorziening latente belastingen 182.770  19.158  ‑32.274  4.327  173.981 
Voorziening pensioenen 25  ‑  ‑10  ‑  15 
Voorziening ambtsjubilea 570  18  ‑1  ‑  587 
Voorziening reorganisatie 467  ‑  ‑467  ‑  ‑ 
 
Totaal 183.832  19.176  ‑32.752  4.327  174.583 

De voorzieningen hebben overwegend een langlopend karakter, met uitzondering van de reorganisatievoorziening waarvan de looptijd maximaal 1 jaar is.

Voorziening latente belastingen, specificatie

Bedragen x € 1.000

Voorziening latente belastingen, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Andere fiscale waardering onroerende zaken   156.075  169.468     
Andere fiscale activering van eerste kosten België   14.430  13.080     
Andere fiscale waardering effecten en vastrentende waarden   3.476  174     
Overig   ‑  48     
       
Totaal   173.981  182.770     

3.10 Depot van herverzekeraars

De herverzekeraars zijn verplicht het herverzekerd belang in contanten bij de verzekeraars van DELA Natura Groep te deponeren. Over het depot wordt een rente vergoed van 4,5% per jaar (2017: 4,5%).

3.11 Schulden

Schulden uit directe verzekering ontstaan wanneer polishouders premie vooruitbetalen.

Bij de aanwezige schulden is geen sprake van (dis)agio waardoor de geamortiseerde kostprijs gelijk is aan de nominale waarde.

Overige schulden, specificatie

Bedragen x € 1.000

Overige schulden, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Crediteuren   10.806  9.051     
Vennootschapsbelasting   4.512  43.986     
Waarborgsommen   1.651  1.346     
Schulden aan groepsmaatschappijen   2.286  1.422     
Tussenrekening obligaties   ‑  3.576     
Te betalen BTW   2.838  2.892     
Te betalen belastingen en sociale premies   2.067  2.429     
Overige   1.826  2.646     
    ‑       
Totaal   25.986  67.348     

3.12 Overlopende passiva

Overlopende passiva, specificatie

Bedragen x € 1.000

Overlopende passiva, specificatie
    31-12-2018 31-12-2017    
           
Vooruitontvangen huren   6.903  6.263     
Nog te betalen overige schulden   20.175  13.290     
Te betalen vakantiedagen   983  1.048     
Te betalen vakantiegeld   1.925  1.940     
Te betalen variabele beloning   1.318  1.232     
           
Totaal   31.304  23.773     

3.13 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

3.13.1 Aansprakelijkheidsstelling
Door DELA Coöperatie U.A. is ten behoeve van de meeste in de consolidatie betrokken dochterondernemingen een aansprakelijkheidsstelling afgegeven zoals bedoeld in artikel 2:403 BW.

3.13.2 (Meerjarige) financiële verplichtingen

Financiële verplichtingen, gesplitst naar looptijd

Bedragen x € 1.000

Financiële verplichtingen, gesplitst naar looptijd
  Korter dan één jaar Tussen één en vijf jaar Langer dan vijf jaar    
           
Huurverplichtingen 217  739  44     
Leaseverplichtingen 721  709  ‑     

3.13.3 Kredietfaciliteiten
DELA heeft een kredietfaciliteit bij Northern Trust van maximaal € 35 miljoen of 10% van de waarde van de effecten die in bewaring liggen van de kredietverstrekker. Het onderpand bestaat uit de effecten die bij Northern Trust in bewaring liggen. Het verschuldigde rentepercentage bedraagt het EONIA-rentetarief plus een opslag van 1,25%.

3.13.4 Investeringsverplichting
DELA is met het Amvest Residential Core Fund contractueel overeengekomen om € 296 miljoen te investeren. Eind 2018 is € 186,7 miljoen geïnvesteerd.

DELA is met het DIF Infrastructure in 2017 contractueel overeengekomen om € 50 miljoen te investeren. Ultimo 2018 is € 15,0 miljoen geïnvesteerd.

Met het First State EDIF 2 Infrastructure Fund is in 2017 een verplichting aangegaan voor een investering van € 50 miljoen. Ultimo 2018 is € 26,4 miljoen geïnvesteerd.

In 2018 zijn verplichtingen met betrekking tot vastgoedfondsen aangegaan met JP Morgan voor € 100 miljoen en met IFM voor € 100 miljoen. Aangaande infrastructuurfondsen zijn in 2018 verplichtingen aangegaan met Blackrock voor € 200 miljoen en met M&G voor € 200 miljoen.

3.13.5 Toekomstige contractuele huurinkomsten
DELA heeft uit hoofde van lopende huurovereenkomsten recht op toekomstige huuropbrengsten.

Toekomstige contractuele huurinkomsten, gesplitst naar looptijd

Bedragen x € 1.000

Toekomstige contractuele huurinkomsten, gesplitst naar looptijd
  Korter dan één jaar Tussen één en vijf jaar Langer dan vijf jaar    
           
Huurinkomsten 65.301  149.300  151.077     

4. Toelichting op de resultatenrekening

4.1 Verdiende premies

 Van de totale brutopremies in 2018 bestaat € 4,1 miljoen uit koopsommen (2017: € 4,3 miljoen).

4.2 Beleggingsresultaten

De beleggingsresultaten bestaan uit de volgende items van de resultatenrekening:

Beleggingsresultaten

Bedragen x € 1.000

Beleggingsresultaten
    2018  2017     
           
Beleggingsopbrengsten   524.092  630.201     
Ongerealiseerde winst op beleggingen   ‑  239.148     
Gerealiseerd verlies op beleggingen -/- 438.385  297.758     
Ongerealiseerd verlies op beleggingen -/- 173.092  111.195     
Beheerskosten en rentelasten -/- 27.095  27.258     
           
Totaal   ‑114.480  433.138     

Gerealiseerde en ongerealiseerde beleggingsresultaten, specificatie

Bedragen x € 1.000

Gerealiseerde en ongerealiseerde beleggingsresultaten, specificatie
2018 Gerealiseerde winst Gerealiseerd verlies Ongereali-
seerd resultaat
Beheerskosten en rentelasten Totaal
           
Terreinen en gebouwen (a) 71.982  ‑  40.833  11.725  101.090 
           
Overige financiële beleggingen (b):          
- Aandelen 193.033  82.917  ‑274.100  6.554  ‑170.538 
- Obligaties 111.968  93.703  ‑14.970  6.525  ‑3.230 
- Derivaten 120.572  260.038  44.192  308  ‑95.582 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen 9.943  ‑  ‑  748  9.195 
- Vorderingen uit andere leningen 5.896  1.367  ‑2.722  ‑  1.807 
- Infrastructuur 1.062  ‑  835  ‑  1.897 
- Andere financiële beleggingen 9.636  360  32.840  1.235  40.881 
  452.110  438.385  ‑213.925  15.370  ‑215.570 
           
Totaal beleggingsresultaat (a) + (b) 524.092  438.385  ‑173.092  27.095  ‑114.480 
2017 Gerealiseerde winst Gerealiseerd verlies Ongereali-
seerd resultaat
Beheerskosten en rentelasten Totaal
           
Terreinen en gebouwen (a) 49.738  ‑  14.959  ‑  64.697 
           
Overige financiële beleggingen (b):          
- Aandelen 219.995  82.930  93.687  ‑  230.752 
- Obligaties 117.610  46.306  ‑111.195  ‑  ‑39.891 
- Derivaten 197.434  126.525  59.407  ‑  130.316 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen 8.696  ‑  ‑  ‑  8.696 
- Vorderingen uit andere leningen 468  ‑  ‑  ‑  468 
- Infrastructuur ‑  ‑  ‑  ‑  ‑ 
- Andere financiële beleggingen 36.260  110  29.208  27.258  38.100 
  580.463  255.871  71.107  27.258  368.441 
           
Totaal beleggingsresultaat (a) + (b) 630.201  255.871  86.066  27.258  433.138 

Ongerealiseerde beleggingsopbrengsten zijn de positieve dan wel negatieve verschillen tussen de aankoopprijs en de marktwaarde van de beleggingen (inclusief valuta-effecten) die op balansdatum in bezit zijn van DELA Natura Groep. Alle overige beleggingsopbrengsten worden toegerekend aan de gerealiseerde beleggingsopbrengsten.

Directe en indirecte beleggingsresultaten, specificatie

Bedragen x € 1.000

Directe en indirecte beleggingsresultaten, specificatie
2018     Direct Indirect Totaal
           
Terreinen en gebouwen (a)     60.147  40.943  101.090 
           
Overige financiële beleggingen (b):          
- Aandelen     54.309  ‑224.847  ‑170.538 
- Obligaties     69.778  ‑73.008  ‑3.230 
- Derivaten     ‑308  ‑95.274  ‑95.582 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen     9.195  ‑  9.195 
- Vorderingen uit andere leningen     4.733  ‑2.926  1.807 
- Infrastructuur     1.062  835  1.897 
- Andere financiële beleggingen     8.443  32.438  40.881 
      147.212  ‑362.782  ‑215.570 
           
Totaal beleggingsresultaat (a) + (b)     207.359  ‑321.839  ‑114.480 
2017     Direct Indirect Totaal
           
Terreinen en gebouwen (a)     67.484  ‑2.787  64.697 
           
Overige financiële beleggingen (b):          
- Aandelen     42.674  188.078  230.752 
- Obligaties     75.838  ‑115.729  ‑39.891 
- Derivaten     ‑  130.316  130.316 
- Vorderingen uit hypothecaire leningen     8.696  ‑  8.696 
- Vorderingen uit andere leningen     468  ‑  468 
- Infrastructuur     ‑  ‑  ‑ 
- Andere financiële beleggingen     8.909  29.191  38.100 
      136.585  231.856  368.441 
           
Totaal beleggingsresultaat (a) + (b)     204.069  229.069  433.138 

Onder directe beleggingsresultaten worden alle ontvangen rente, huur- en dividendopbrengsten verstaan minus alle beleggingskosten. Alle resultaten, zowel gerealiseerd als niet-gerealiseerd die ontstaan als gevolg van marktwaardemutaties worden toegerekend aan de indirecte beleggingsopbrengsten.

4.3 Uitkeringen eigen rekening

Uitkeringen eigen rekening, specificatie

Bedragen x € 1.000

Uitkeringen eigen rekening, specificatie
    2018  2017     
           
Uitkering bij overlijden   12.783  10.135     
Uitvaartkosten   104.674  100.101     
Expiratie   2.375  2.351     
Uitkering pensioenverzekeringen   40  12     
Kapitaaluitkeringen   51.067  47.701     
Uitkeringen royementen   262  816     
Afkopen   15.480  19.303     
Bruto uitkeringen   186.681  180.419     
           
Herverzekerde uitkering bij overlijden   2.094  1.348     
Herverzekerde expiratie   31  33     
Herverzekerde afkopen   59  42     
Herverzekerde uitkeringen   2.184  1.423     
           
Uitkeringen eigen rekening   184.497  178.996     

4.4 Acquisitiekosten

Acquisitiekosten, specifatie

Bedragen x € 1.000

Acquisitiekosten, specifatie
    2018  2017     
           
Toegerekende acquisitiekosten personeel   13.285  13.600     
Toegerekende acquisitiekosten overig   21.213  16.417     
Directe acquisitiekosten   14.084  13.922     
Geactiveerde acquisitiekosten   ‑12.254  ‑12.092     
Afschrijving acquisitiekosten   7.967  7.184     
           
Totaal   44.295  39.031     

De toegerekende acquisitiekosten personeel en overig betreft indirecte acquisitiekosten, die worden bepaald op basis van interne kostenmodellen.

4.5 Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen

Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen, specificatie

Bedragen x € 1.000

Beheers-, personeelskosten en afschrijvingen, specificatie
    2018  2017     
           
Gebouw- en inventariskosten   3.252  2.484     
Autokosten   1.133  1.183     
IT-kosten   22.243  18.219     
Advieskosten   3.210  3.344     
Kantoorkosten   5.057  5.028     
Doorbelastingen   ‑10.187  ‑9.427     
Salariskosten   14.954  12.938     
Sociale lasten   4.519  4.383     
Pensioenlasten   4.447  3.243     
Kosten uitbesteed werk   29.175  20.681     
Overige personeelskosten   3.309  3.127     
Reclamekosten   15.573  15.514     
Rereclassificeerd naar acquisitiekosten   ‑21.213  ‑16.417     
Overige kosten   620  903     
           
Totaal   76.092  65.203     

4.6 Andere baten en lasten

De andere baten betreft de teruggaaf van het pro rata gedeelte van de btw.

Andere lasten, specificatie

Bedragen x € 1.000

Andere lasten, specificatie
    2018  2017     
           
Afschrijving goodwill   1.887  1.844     
Pensioenlasten inactieven   223  397     
Kosten FIT   44  1.530     
Overige lasten   8.351  7.697     
           
Totaal   10.505  11.468     

De overige lasten betreffen voornamelijk de volledige afschrijving van het Belgische verzekeringssysteem (€ 8.257).

4.7 Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening

Vennootschapsbelasting, specificatie

Bedragen x € 1.000

Vennootschapsbelasting, specificatie
    2018  2017     
           
Verschuldigde vennootschapsbelasting verslagjaar   ‑52.570  63.337     
Voorgaande jaren   847  ‑4.145     
Acute vennootschapsbelasting   ‑51.723  59.192     
           
Latente vennootschapbelasting   ‑25.007  26.158     
           
Totaal   ‑76.730  85.350     

Het toepasselijke belastingtarief is gebaseerd op het nominale Nederlandse belastingtarief.

Vennootschapsbelasting, toelichting

Bedragen x € 1.000

Vennootschapsbelasting, toelichting
    2018  2017     
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen   ‑248.746  342.772     
Nominaal belastingpercentage   25% 25%    
           
Nominaal belastingbedrag   ‑62.187  85.693     
Vennootschapsbelasting voorgaande jaren   847  ‑4.145     
Overige fiscale faciliteiten   ‑15.390  3.802     
           
Totaal   ‑76.730  85.350     

De overige fiscale faciliteiten bevat de impact van de tariefsverlaging van de vennootschapsbelasting op de latente belastingverplichtingen ter grootte van - € 16.572.

4.8 Beloning bestuurders en commissarissen

De bezoldiging van de bestuurders kent een vaste en een variabele component. Het bestuur ontvangt geen representatievergoeding noch aandelen of opties, echter de variabele beloning wordt voor 60% onvoorwaardelijk uitgekeerd en voor 40% voorwaardelijk. Beide delen worden volledig in contanten uitgekeerd. De retentieperiode voor het voorwaardelijke deel bedraagt drie jaar. De bezoldiging van bestuurders in het boekjaar bedroeg aan vaste beloning € 489 (2017: €466), aan uitgekeerde variabele beloning € 101 (2017: € 90) en aan bijdrage pensioenen € 102 (2017: € 120). De bijdrage aan pensioenen is lager omdat er in 2018 geen indexatie is toegekend.

De bezoldiging van de commissarissen (van DELA Coöperatie U.A., DELA Holding N.V. en DELA Natura- en levensverzekeringen N.V. gezamelijk) in het boekjaar bedroeg € 258 (2017: € 244).

4.9 Accountantshonoraria

DELA Natura Groep maakt gebruik van de vrijstelling op grond van artikel 2:382a lid 3 BW waardoor zij de honoraria niet hoeft op te geven.

4.10 Verbonden partijen

Identificatie van verbonden partijen
Alle juridische eenheden binnen DELA Natura Groep worden door DELA Natura als verbonden partijen aangemerkt, aangezien DELA Natura direct of indirect zeggenschap kan uitoefenen over al deze entiteiten. Ook worden door DELA Natura de bestuurders en hun directe familieleden als verbonden partijen aangemerkt.

Transacties met verbonden partijen
Inzake overlijdens die bij DELA Natura worden aangemeld, wordt de uitvoering verzorgd door DELA Uitvaartverzorging N.V. en haar dochtermaatschappijen. Deze uitvoering geschiedt tegen interne kostprijzen en is niet marktconform.

4.11 Claims

Bij of door DELA Natura Groep is geen materiële claim aanhangig gemaakt.

 

Eindhoven, 17 april 2019

DELA Natura- en levensverzekeringen N.V.

De Directie De raad van commissarissen
J.L.R. van Dijk RA Dr. W.M. van den Goorbergh, voorzitter
   
   
Drs. M.R. de Jong Drs. J.P. de Pender, secretaris
   
   
DELA Holding N.V. Mw. drs. W. A. P. J. Caderius van Veen RA
   
   
  Prof. mr. C.J.H. Jansen
   
   
  Prof. dr. J.J.A. Leenaars
   
   
  mr. drs. G.H.C. de Méris RA FCA
   
   
  C.P.V. van der Weg